Karin den Oudsten
Professionele begeleiding in het ouderschap

Een tikkende tijdbom


Er hoeft maar iemand iets verkeerd te zeggen of ik schiet uit mijn slof. Het voelt alsof mijn lichaam veranderd is in een tikkende tijdbom die elk moment kan afgaan. Mijn collega's voelen dat aan, dus iedereen doet stilzwijgend het werk wat gedaan moet worden. 

Eerlijk gezegd weet ik niet goed wat ík moet gaan doen. Twee dagen na het ontslag heeft het bericht mij als door een mokerslag geraakt. Duizenden gedachten razen door mijn hoofd en evenzovele negatieve gevoelens wisselen elkaar af. Van intens verdrietig naar opkomende boosheid en torenhoge frustratie.

Ik word me ervan bewust dat er binnen dit gebouw niemand voor mij zal opkomen. Directe collega's die zich teveel met mij zouden willen bemoeien zijn tegelijkertijd bang om hun eigen baan te verliezen, de leden van het managementteam hebben ingestemd met mijn ontslag en de mensen van personeelszaken hebben er belang bij om de ontslagprocedure voor de werkgever zo soepel mogelijk te laten verlopen.

Negatieve gevoelens worden ingeruild voor machteloosheid, eenzaamheid en een snel oplopende druk op mij als persoon. Elk woord dat ik zeg en elke email die ik verstuur kan immers tegen me gebruikt worden. Dat idee voelt bedreigend. Er ontstaat een groot gevoel van onveiligheid, want wie kan ik nog vertrouwen?

Ik denk terug aan het ontslaggesprek en hoor nog de nagalm van twee opmerkingen 'Je man heeft toch een baan?' en 'Nu kun je je eigen bedrijf verder uitbouwen'. Het maakt me weer razend en tegelijkertijd verbaast het me. Krijgt een personeelsfunctionaris geen training in het voeren van een ontslaggesprek? Zo'n gesprek valt in de categorie 'slecht-nieuws-gesprek' en dan is een basisregel dat de ontvanger van het slechte nieuws eerst volledig nieuwe emoties moet verwerken voordat een volgende stap gemaakt kan gaan worden.

Misschien waren de opmerkingen bedoeld om mij hoop te geven, maar in een negatieve gedachtenstroom voelt dit niet als hoop. Het voelt als het geven van een trap na. Het maakt voor mij de situatie alleen nog maar moeilijker. Per slot van rekening heb ik meer dan twintig jaar geleden geen HBO-studie gedaan om als vrouw afhankelijk te worden. En mijn bedrijf is nog maar net een jaar gestart, dus dat kost momenteel meer geld dan dat het oplevert.

'Alsof ik van een hoge rots ben geduwd,' verwoord ik hardop mijn gevoelens. De directeur beantwoordt mijn uitspraak met 'We zorgen dat je vleugels krijgt'. Terwijl hij het idee heeft dat mijn vogelvlucht nog moet beginnen, bevind ik me mentaal zwaar gewond onderaan die rotsen. Het leed is al geschied.

Voor een positief ingesteld mens zoals ik is het een psychologisch gevecht met negativiteit die logischerwijs is ontstaan. Die gedachten worden nog eens aangewakkerd door onduidelijkheden in mijn ontslagbrief. De IT-afdeling bestaat uit slechts twee personen: de manager en de applicatiebeheerder, mijn functie. Zowel mijn functie als mijn werkzaamheden komen te vervallen, zo staat er letterlijk geschreven.

Die regel begrijp ik nog wel en kan ik accepteren. Er kan binnen een organisatie voor gekozen worden om zaken te reorganiseren. En dan kan het zo zijn dat een functie met de bijbehorende medewerker overbodig - boventallig - wordt. Maar wat er daarna komt, roept bij mij een onaangenaam gevoel op. Het blijkt dat een collega binnenkort gaat rapporteren aan de IT-manager. Een volgend gesprek met de personeelfunctionaris gaat over de betreffende collega, waarbij de aanvulling 'Vergeet zijn naam maar...' wordt uitgesproken. Na een misser tijdens het ontslaggesprek is dit haar volgende uitglijder. Het is voor mij een raadsel hoe ze met haar onprofessionele uitspraken in die functie kon belanden. In ieder geval zorgt ze ervoor dat de werkrelatie met die betreffende collega onder druk komt te staan. Hem neem ik absoluut niets kwalijk, maar hoe moet ik reageren als hij vraagt naar de reden van ontslag? Dat hij mijn plaats in gaat nemen?

Na een vast dienstverband van bijna 15 jaar kan ik gaan. Het maakt me boos. Kwaad. En razend. Ben ik nu afgedankt of geduwd? 


Het is niet de bedoeling om mijn vorige werkgever in een kwaad daglicht te plaatsen. Ik schrijf deze blogs, omdat ik het belangrijk vind om vooroordelen (stigmatisering) over psychische aandoeningen in het bedrijfsleven bespreekbaar te maken.
Geschreven door Karin den Oudsten op 24 mei 2015